Let's talk about

SLINGERZIEKTE

Let's talk about

SLINGERZIEKTE

Diagnostiek & resultaten Verocheck

Het vermoeden van slingerziekte kan ontstaan op basis van de typische klinische verschijnselen, zoals uitval, oedeem van de oogleden en een hees stemgeluid. Om een definitieve diagnose te stellen is het aantonen van de bacteriën en/of het verotoxine essentieel. Andere ziekteverwekkers, zoals bijvoorbeeld Streptococcus suis, kunnen ook uitval en neurologische verschijnselen veroorzaken bij biggen van dezelfde leeftijd en moeten dus worden uitgesloten. Bacteriologisch onderzoek (kweek) is daarbij een belangrijk hulpmiddel. Voor het aantonen van de aanhechtingsfactoren en het gen voor verotoxine-productie is PCR-onderzoek noodzakelijk. Dit onderzoek kan uitgevoerd worden op bijvoorbeeld gekweekte E. coli bacteriën, maar ook op verschillende andere monsters, bijvoorbeeld mest, bij sectie verzamelde darminhoud of zelfs uit speekseltouwen.

Met de VeroCheck van HIPRA kan aan de hand van speekseltouwen en gebruiksvriendelijke FTA-cards vastgesteld worden of het verotoxine aanwezig is. Dit onderzoek wordt uitgevoerd bij de leeftijdsgroepen waarin de klinische verschijnselen optreden, maar ook oudere dieren kunnen bemonsterd worden (bijvoorbeeld rondom opleg in de vleesvarkensstal of rondom voerovergangen). De resultaten van het PCR-onderzoek bevestigen of het gen voor verotoxine productie aan- of afwezig is en geven daarnaast aan of er veel of weinig toxine-genen aanwezig zijn in het monster (+ / ++ / +++ en ct-waarde).

Resultaten VeroChecks afgelopen 5 jaar
Afgelopen 5 jaar zijn er vanuit België en Nederland in totaal 1469 FTA cards verzameld van in totaal 258 verschillende inzendingen door dierenartsen. Bij deze inzendingen hadden de dierenarts en veehouder het vermoeden van klinische of subklinische slingerziekte. In 62% van de inzendingen werd in minimaal 1 van de FTA-cards het gen voor verotoxine productie aangetoond. Per bedrijf werden verschillende leeftijdsgroepen bemonsterd, onderstaande grafiek geeft het aantal en percentage positieve FTA-cards per leeftijd weer. We zien daarin dat in alle leeftijdsgroepen positieve FTA-cards voorkwamen, maar dat de meeste positieve FTA-cards bij dieren van 7, 10 en 12 weken leeftijd gevonden zijn (passend bij het voorkomen van klinische verschijnselen). Het percentage positieve FTA-cards varieert.

Ontdek ook onze andere ‘Let’s talk about’ reeksen:

PRRS

ZEUGEN-
STERFTE

REPRODUCTIE

BIGGEN-
VACCINATIE

NEONATALE
DIARREE

SLINGER-
ZIEKTE

INTRADERMALE
VACCINATIE